De gemeente
Zodra een mens tot geloof komt maakt hij deel uit van een grote familie. Volgelingen van de Heer hebben altijd broers en zussen, de overige kinderen van God. Het geloof en de daarbij behorende doop verbinden individuele gelovigen tot één lichaam, de gemeente.
Op de voedingsbodem van de eenheid met de Heer groeit de onderlinge saamhorigheid. Ook leeft het besef dat gelovigen samen een opdracht met het oog op de wereld ontvangen hebben.
Door de doop wordt iemand lid van deze gemeenschap, de gemeente van Jezus Christus. Allen zijn verantwoording schuldig aan de hoogste autoriteit: Christus, het hoofd van de gemeente. De daar direct onder komende ‘hoogste instantie’ is de gemeentevergadering, waar de gemeente haar beleid bepaalt en besluiten neemt.
Ieder gemeentelid draagt dezelfde verantwoordelijkheid voor elkaar, voor de gemeente en voor de wereld.
Het gemeenteleven
De gemeente van de Heer is bedoeld als plaats van delen en vieren. Baptisten ervaren de ontmoeting met elkaar in de regel als hartverwarmende ‘gemeenschap van gelovigen’.
Je zou het leven als gemeente met het gezinsleven kunnen vergelijken. Soms gaat er wel eens iets mis in het gezin, maar meestal wordt er gevierd en gedeeld.
Zo deelt de gemeente bijvoorbeeld bij de geboorte van een baby in de vreugde over het jonge leven. In de zondagse samenkomst wordt een zegen van God gevraagd over de nieuwgeborenen en de ouders. Enkele jaren later kan de peuter naar de crèche en weer wat later naar de zondagsschool.
Er is veel kinder- club- en jongerenwerk. Baptisten zien hierin een goede mogelijkheid om kinderen bij Jezus te brengen opdat Hij ze kan zegenen. In de activiteiten voor de jeugd kunnen jonge mensen Jezus leren kennen.
Verder komt u in baptistengemeenten o.m. zangkoren, combo’s, vrouwen- en ouderenverenigingen tegen. Gezamenlijk en persoonlijk wordt Gods woord gelezen.
